Peter Van der Velden, Thuispunt Gent: “Wij trekken uw plan is bij Vandenbussche geen slogan, maar een belofte die ze elke dag waarmaken.”

Klantgetuigenis

We stappen een van de appartementen van Saturnus binnen, maar blijven er niet lang stilstaan. Peter Van der Velden, projectmanager gebouwenwerking bij Thuispunt Gent, loodst ons meteen door naar het terras. Vanop deze hoogte krijg je in één oogopslag waarvoor de wijk Nieuw Gent staat: torens die verdwijnen, torens die worden gestript en heropgebouwd, en nieuwe volumes die de komende jaren uit de grond zullen rijzen. Saturnus is één puzzelstuk in een veel groter verhaal, naast de Jupiter- en de Mercuriustoren, die de volgende jaren aan de beurt zijn.

Saturnus ITV

“Dit uitzicht zegt eigenlijk alles,” steekt Van der Velden van wal. “Wat je hier ziet, is geen op zichzelf staand project. Het is een wijk in volle transformatie, en Saturnus is daar het bewijs van dat het kan: kwalitatief, op tijd en met een aannemer die zijn verantwoordelijkheid neemt.”

Thuispunt Gent, de fusienaam van het vroegere Wonen Gent, beheert vandaag zo'n 14.000 woningen in de stad en trekt de komende vijf jaar 1,6 miljard euro uit voor renovatie en nieuwbouw. Saturnus is één van de projecten waarin die ambitie concreet werd, en waarin Vandenbussche als aannemer aan zet was.

Wat is Saturnus?

Saturnus 1

Op de plek waar tot voor kort de gelijknamige, verouderde woontoren stond, realiseerde Vandenbussche voor Thuispunt Gent 92 nieuwe sociale appartementen in de Kikvorsstraat. Het gebouw bestaat uit twee volumes met elk een eigen inkomhal. Het hogere volume, aan de kant van het park, telt 12 verdiepingen en herbergt 66 appartementen met één slaapkamer, met op het gelijkvloers een Speel-o-theek voor de buurt. Het lagere volume is 4 verdiepingen hoog en biedt plaats aan 15 appartementen met drie slaapkamers, 10 met twee slaapkamers en 1 met één slaapkamer, een mix die ruimte laat voor alleenstaanden, koppels én gezinnen.

Het ontwerp is van de hand van twee architectenbureaus: het Nederlandse De Nijl Architecten en het Gentse De Smet Vermeulen Architecten. Die combinatie van een Nederlandse blik en lokale Gentse verankering resulteerde in een tijdloze bakstenen gevel die refereert aan de wijk, met grote, lichtrijke terrassen en bergingen voor elke woning. Alle appartementen zijn bijna-energieneutraal (BEN): zonnepanelen op het dak, een gemeenschappelijke lucht-waterwarmtepompinstallatie voor verwarming en sanitair warm water, en regenwaterrecuperatie voor toiletten in de laagbouw en douches zorgen voor een lagere energiefactuur voor de toekomstige huurders. Saturnus is meteen ook de eerste voltooide fase binnen het stadsvernieuwingsproject Nieuw Gent Vernieuwt, waarbij Thuispunt Gent zes verouderde woontorens, Saturnus, Jupiter, Mercurius, Aurora, Milenka en Orion, stap voor stap vervangt door nieuwbouw.

Een start onder tijdsdruk

Het project kende geen vlekkeloze aanloop. Voor Van der Velden er zelf bij Thuispunt Gent de honneurs van waarnam, had het dossier al een tijd stilgelegen. Bij de aanbesteding schreven zes aannemers in, met Vandenbussche als laagste bieder. Maar de klok tikte: de omgevingsvergunning dreigde eind februari 2024 te vervallen, terwijl de toewijzing pas in januari rond was. 

“Het was cruciaal om de werken tijdig op te starten binnen de geldigheidsduur van de omgevingsvergunning,” vertelt Van der Velden. “Door de werf tijdig op te starten, bleef de vergunning behouden. Tegelijk werd een grondige voorbereiding opgestart, wat het verdere verloop van het dossier en de uitvoering van de werken aanzienlijk ten goede kwam.”

Dat vertrouwen werd achteraf ruimschoots beloond. “Als ik nu terugkijk, denk ik dat we in onze berekeningen 130 tot 140 kalenderdagen extra hadden voorzien,” zegt hij. “Vandenbussche heeft daar uiteindelijk nog geen scherpe helft van gebruikt.”

Wij trekken uw plan, zeggen jullie altijd. Op deze werf hebben jullie dat waargemaakt: jullie hebben onze dromen gerealiseerd.
Peter Van der Velden
Saturnus 3

Wat Van der Velden vooral bijblijft, is hoe de samenwerking op de werf zelf verliep. Het vaste werfteam: Simon, Brecht, Wim en Tess, vormde volgens hem een opvallend sterke kern, later aangevuld met starter Emile.

“Ik voelde mij op geen enkel moment gepakt of in het zak gezet. Integendeel,” klinkt het overtuigd. “Die manier van samenwerken is eigenlijk de hele werf door gebleven. Je werd niet aan het lijntje gehouden. Je wist bijna altijd waar je aan toe was.”

Diezelfde transparantie zag Van der Velden terug in de planning. Vandenbussche werkte met gedetailleerde lean-planningoverzichten op zes weken en zes maanden, waarbij elke discipline zijn eigen gekleurde kaartje kreeg. “Als er een datum werd afgesproken, werd die ook gehaald. Zo simpel is het eigenlijk.”

Ook de manier waarop starter Emiel op de werf werd ingewerkt, viel op. “Je merkte dat hij niet zomaar aan zijn lot werd overgelaten. Hij werd mee opgenomen in het team, kreeg verantwoordelijkheid, maar altijd met iemand die mee opvolgde. Dat is precies hoe je jonge mensen het vak laat leren.”

Voor Van der Velden vat dat de kern van de samenwerking samen: “Wij trekken uw plan, zeggen jullie altijd. Op deze werf hebben jullie dat waargemaakt: jullie hebben onze dromen gerealiseerd. Ik kan moeilijk voorbeelden noemen waarbij ik zou zeggen: kijk, daar is een kantje afgesneden.”

Van fundering tot afwerking

Een gebouw van 92 appartementen, verdeeld over een toren van 12 verdiepingen en een lager volume van 4 bouwlagen, is geen sinecure om op te trekken, zeker niet middenin een woonwijk die gewoon in gebruik blijft. Van der Velden nam de opeenvolgende fases van dichtbij op: van de funderingswerken en de kelderconstructie, over de prefab draagstructuur, tot de gevelafwerking en de technieken.

Voor de ruwbouw werkte Vandenbussche met geprefabriceerde vloerelementen en wanden, wiens onderdelen volgens Van der Velden van bijzonder hoge kwaliteit waren. “Je merkte dat de maatvoering en de afwerkingsgraad van die prefab-elementen tot op de millimeter klopten. Dat maakt het verschil bij de opbouw van een hoogbouw: als de basis niet klopt, loop je de rest van het traject achter de feiten aan.”

Bij het uitzetten van de wanden zette Vandenbussche, bij droog weer, een aftekenrobot in. “Dat soort technologie zie je niet overal,” zegt Van der Velden. “Het zorgt voor een precisie die je met de hand moeilijker haalt, en het versnelt bovendien het proces.” Ook op vlak van energievoorziening op de werf koos Vandenbussche voor een innovatieve aanpak: in plaats van een klassieke dieselgenerator werd een mobiele stadsbatterij van Neargrid ingezet. “Voor de buurt was dat een enorme bonus,” aldus Van der Velden. “Geen constant gebrom, geen uitlaatgassen op een plek waar mensen wonen en spelen. Dat soort keuzes toont dat een aannemer ook buiten de eigen werfgrenzen nadenkt.”

Het gevelmetselwerk, bepalend voor het tijdloze, bakstenen karakter dat De Nijl Architecten en De Smet Vermeulen Architecten voor ogen hadden, werd meer dan ingelost en daar was Van der Velden lovend over het resultaat: “De fijnheid van de voegen en de manier waarop de details rond de terrassen en de raamopeningen zijn afgewerkt, doen volledig recht aan het architecturale ontwerp. Dat is precisiewerk waar je als bouwheer trots op mag zijn.” Ook de technische installaties, de warmtepompinstallatie voor verwarming en sanitair warm water, de leidingen voor de regenwaterrecuperatie, en de aansluitingen in de technische bergingen en op de sokkels van het gebouw noemt hij opvallend net afgewerkt.

Bij de oplevering, ten slotte, werd elk van de 92 appartementen individueel gecontroleerd aan de hand van digitale checklists in het platform Aproplan, goed voor zo'n 30 tot 45 minuten per unit. “Dat is een grondigheid die je als opdrachtgever wil zien op een project van deze schaal,” zegt Van der Velden. “Elke technische fiche, elke afwerkingsdetail, is nagelopen vóór de sleuteloverdracht.”

Ruimte voor verbetering, in alle eerlijkheid

Een goede samenwerking betekent voor Van der Velden ook eerlijkheid over wat beter kan. Zo werden alle gordijnrails vervangen. Ook enkele laspunten op leuningen en incidenteel schuin geplaatste leidingen door onderaannemers noemt hij als kleine aandachtspunten. Bij de oplevering bleek bovendien dat de eerste vier verdiepingen nog niet over stromend water beschikten, waardoor een verstopping in een toilet pas na intrek van de huurder aan het licht kwam. 

“Het zijn stuk voor stuk kleine dingen,” nuanceert Van der Velden meteen. “Op een werf van deze omvang hoort dat er gewoon bij. Belangrijker is hoe ermee wordt omgegaan, en daar heeft Vandenbussche telkens de juiste reflex getoond.”

Blik op de toekomst

Met Nieuw Gent volop in transformatie, kijkt Thuispunt Gent nu al vooruit naar de volgende fases rond de Jupiter- en Mercuriustorens. Van der Velden ziet daarbij ook toenemende meerwaarde in digitale bouwdossiers. “Voor het beheer over dertig jaar zou het geweldig zijn om via een digitale viewer meteen de technische fiche van een raam of een deur terug te vinden. Als we BIM-data rechtstreeks kunnen koppelen aan onze beheersystemen, winnen we daar enorm mee.”

Voor Peter Van der Velden staat na Saturnus alvast één ding vast: “Vandenbussche heeft getoond dat hun slogan geen loze belofte is. Wij trekken uw plan, dat hebben ze hier letterlijk gedaan, van de aanbesteding tot de laatste checklist bij oplevering.”