Ramona Nicolaescu, stad Brugge: “Vandenbussche heeft getoond dat je als aannemer een actieve rol kunt spelen in een circulair verhaal. Dat is minstens even belangrijk als het gebouw zelf.”

Klantgetuigenis
Scharphoutsite KG

In Lissewege staat een gebouw dat op het eerste gezicht bescheiden oogt, maar bij nader inzien een stille ambitie uitstraalt. De Scharphoutsite is circulair, bijna energieneutraal en ontworpen met één ongewone gedachte als vertrekpunt: hoe demonteer je dit ooit zo eenvoudig mogelijk weer? Architect Ramona Nicolaescu van stad Brugge volgde het project van eerste schets tot oplevering op. Aannemer Vandenbussche bouwde het. We spreken Ramona ter plaatse, in de ruime en verrassend stille sporthal die het hart van het gebouw vormt.

De sporthal is groot, maar voelt niet koud aan. Daglicht valt breed naar binnen, het plafond absorbeert het geluid van onze voetstappen, en ergens klinkt het zachte zoemen van een ventilatiesysteem dat je eigenlijk niet hoort. Ramona Nicolaescu staat er ontspannen bij, met de rust van iemand die weet dat wat ze heeft helpen bouwen klopt.

"We zijn hier gaan staan, midden in de sporthal, en ik dacht: je kunt hier gewoon met elkaar praten zonder je stem te verheffen," zegt ze, met een lichte glimlach. "Dat klinkt misschien als een detail, maar voor mij zegt dat alles over hoe dit gebouw gemaakt is."

De Scharphoutsite is geen alledaags project. Het gebouw in Lissewege werd opgetrokken voor twee opdrachtgevers tegelijk: stad Brugge en Mintus, het zorgbedrijf dat voorheen onder het OCMW viel. De gemeenschap in Lissewege is actief, met veel vrijwilligers en verenigingsleven, maar de infrastructuur om dat op te vangen was er lange tijd gewoon niet. "De nood was er al lang," vertelt Nicolaescu. "De activiteiten gebeurden in een café of bij mensen thuis. Mintus had een oud dienstencentrum dat zijn beste tijd had gehad. En dus werden de noden in kaart gebracht, al in 2018. Rond de coronaperiode zijn we de procedure effectief opgestart."

Vandaag huisvest het gebouw een bibliotheek, een dienstencentrum én een volwaardige sportzaal. Maar dat hoeft niet zo te blijven, en dat was van bij het begin de bedoeling.

Scharphoutsite 1

Het idee om de Scharphoutsite circulair aan te pakken, groeide uit een inspiratiebezoek aan een circulair stadskantoor in het Nederlandse Venlo. Het project werd geselecteerd als pilootproject binnen de Green Deal-oproep van Vlaanderen, met budget voor ondersteuning en vooronderzoek. Niet om grote plannen te maken, maar om heel concreet uit te zoeken wat circulair bouwen in de praktijk van een bouwproject betekent. "We zijn beginnen nadenken over wat circulair bouwen eigenlijk betekent," zegt Nicolaescu. "Niet abstract, maar heel concreet: wat kun je doen, wat is haalbaar, en hoe doe je dat binnen de regels van een overheidsopdracht?" De keuze om volop in te zetten op recuperatiemateriaal bleek al snel te complex. Beschikbaarheid is onvoorspelbaar, wetgeving laat weinig ruimte voor die onzekerheid en de tijds en kostenimpact weegt zwaar door. Het team koos voor een andere aanpak, die van design for disassembly: niet bouwen zodat het moeilijk te slopen valt, maar zodat het gemakkelijk te demonteren is. "Het idee is simpel," legt ze uit. "Elk onderdeel moet op het einde van zijn leven, over twintig of dertig jaar, zo eenvoudig mogelijk te verwijderen en te hergebruiken zijn." Dat vertaalt zich in keuzes die op het eerste gezicht onzichtbaar zijn, maar bij nader inzien overal terugkomen. De draagstructuur is in hout, met enkel een betonnen kern voor stabiliteit. De buitenschil is in staalplaat, dun materiaal met grote dekking en een zeer hoog recyclagepercentage. 

De gevel en dakpanelen zijn samengestelde Unilin-panelen die akoestische isolatie, wandstructuur en binnenafwerking in één pakket combineren. En het gebouw is ontworpen op maat van precies die panelen. "Maximaal acht meter, want dat is wat je over de weg kunt transporteren," legt Nicolaescu uit. "Door de structuur daarop af te stemmen, kunnen die panelen in volle lengte blijven en later ook zo worden gedemonteerd. Geen zagen, geen breken, gewoon losmaken." De structuur is bovendien uitbreidbaar in lengte, breedte én hoogte, met ruimte voor een extra tussenverdieping. De huidige functies zijn niet in steen gebeiteld. "We hebben nog gedacht dat het gebouw ooit zelfs een school of miniwonigen zou kunnen worden," zegt Nicolaescu. "Niet omdat dat de bedoeling is vandaag, maar om te bewijzen dat het kan. Een gebouw dat over dertig jaar misschien een heel andere invulling heeft, maar er nog steeds staat." Die circulaire logica zat er van bij het allereerste ontwerp in. Architectuuratelier Dertien12, de ontwerpers van het gebouw, omarmden de circulaire gedachte van meet af aan volledig. Het is dan ook mede dankzij hun doordachte aanpak en ontwerpkeuzes dat de structuur zo coherent en toekomstgericht in elkaar zit.

Vandenbussche: een partner die het verschil maakte

Een circulair ontwerp staat of valt met de aannemer die het uitvoert. De aanbesteding verliep via een onderhandelingsprocedure. De eerste offertes lagen hoger dan de raming, en in plaats van eenvoudigweg te snijden, ging het team samen rond de tafel. "We hebben het dossier punt per punt doorgenomen," vertelt Nicolaescu. "Wat is essentieel? Wat is minder belangrijk? Zo zijn we tot een prijs gekomen die haalbaar was, maar zonder de kwaliteit of de circulaire ambitie op te offeren. Dat vond ik een heel waardevol proces."

Vandenbussche bleek daarin een natuurlijke bondgenoot. "Ze stapten enthousiast mee in het circulaire verhaal en gaven aan hier al langer mee bezig te zijn. Dat maakte een verschil," zegt Nicolaescu. "Dezelfde mensen zaten van begin tot einde aan tafel. Dat creëert vertrouwen, en dat zie je terug in het resultaat."

Die gedeelde continuïteit en het wederzijds vertrouwen sluiten naadloos aan bij hoe Vandenbussche ook intern inzet op duurzaamheid en engagement. Volgens Peter Demonie, Lead SHEQ bij Vandenbussche, is die langetermijnvisie geen toeval, maar het resultaat van een bewuste keuze om duurzaamheid structureel te verankeren in de organisatie. Door vaste teams, duidelijke verantwoordelijkheden en een open dialoog blijft het bedrijf consistent werken aan verbetering op vlak van veiligheid, milieu en kwaliteit. Dat maakt Vandenbussche tot een betrouwbare partner in circulaire trajecten én een bedrijf dat verantwoordelijkheid durft opnemen. “Duurzaamheid is voor ons geen project met een einddatum,” benadrukt Demonie. “Het is een engagement dat je elke dag opnieuw moet waarmaken, samen met je mensen en je partners.”

Op de werf zelf was dat engagement voelbaar. De hoeveelheid afval was opvallend beperkt en de afvalstromen sterk gesorteerd, iets wat op een werf van deze omvang allesbehalve vanzelfsprekend is. "In vergelijking met een typische grote werf was het uitzonderlijk weinig," zegt Nicolaescu. "De prefabricatie was grondig voorbereid, door de ontwerpers, maar ook door de onderaannemers. Alles klopte." De werken startten op 15 april 2024 en het gebouw werd opgeleverd op 23 januari 2026, na circa 370 werkdagen.

Bijna energieneutraal, van de bodem tot het dak

De technische ambitie van het gebouw stopt niet bij de structuur. Onder het terrein liggen geothermische boringen voor een beoveld, gekoppeld aan warmtepompen. In combinatie met zonnepanelen op het maximaal benutte dak levert het gebouw een sterke energieprestatie. "De productie van de zonnepanelen is gigantisch," zegt Nicolaescu. "Goed voor ongeveer de helft van het verbruik van het stadhuis." Een bijkomend voordeel: de koelbehoefte van Mintus in de zomer verbetert de balans van het geothermisch veld en maakt het systeem als geheel efficiënter.

Ventilatie type D, regenwaterputten met dubbele dimensionering voor maximale recuperatie, LED-verlichting afgestemd op de specifieke normen voor badminton. Zelfs de oriëntatie van de ramen is weloverwogen: aan de noordzijde beperkte zonwering, aan de zuidzijde, waar de bibliotheek ligt, zonwering die warmte tegengaat maar winterzon en daglicht doorlaat. "We wilden geen systemen die naast elkaar werken, maar systemen die elkaar aanvullen," legt Nicolaescu uit. "Dat vraagt meer ontwerptijd, maar je hebt er een gebouw voor dat echt zuinig is."

Een akoestisch ingenieur maakte van bij het begin deel uit van het team, met aandacht voor zowel het comfort binnen als het vermijden van geluidshinder naar de buurt. Het resultaat is voelbaar. Nicolaescu wijst naar het plafond, naar de Heraklith-panelen in de wanden, en glimlacht. "Kijk: je staat hier in een sportzaal en je kunt gewoon praten." Ze heeft gelijk. De stilte is niet leeg, ze is vol en vriendelijk.

De Scharphoutsite was genomineerd voor de Belgian Construction Award 2025 in de categorie duurzaamheid, klimaatadaptatie en innovatie. Uiteindelijk was het project niet als laureaat uit de bus gekomen. 

"Ik hoop dat het anderen inspireert," zegt Nicolaescu. "Niet alleen bouwheren of architecten, maar ook aannemers. Vandenbussche heeft getoond dat je als aannemer een actieve rol kunt spelen in een circulair verhaal. Dat is minstens even belangrijk als het gebouw zelf."

Ze kijkt nog een keer de hal rond. Het licht schuift langzaam over de vloer.

"Het is een gebouw dat er al aan denkt hoe het ooit weer verdwijnt," zegt ze. "En toch voelt het hier heel levend aan."