Bouw nieuw woonzorgcentrum Heilig Hart start in hartje Oudenaarde

Projectnieuws

In januari 2027 start aannemer Vandenbussche met de bouw van een nieuwe campus voor WZC Heilig Hart in de Bekstraat, in hartje Oudenaarde. Op de site van de oude post komen 60 kamers, 7 assistentiewoningen, een lokaal dienstencentrum, een cafetaria, een beleeftuin en een ondergrondse parking. De nieuwbouw vervangt de oudste vleugel van het woonzorgcentrum. De oplevering is gepland voor december 2028.

WZC Heilig Hart heeft een lange geschiedenis van zorg in Oudenaarde. Het begon kort na de Eerste Wereldoorlog als een kleinschalig ziekenhuis, uitgebaat door de zusters Augustinessen, en werd in 1988 een rust- en verzorgingstehuis. Vandaag zorgen zo’n 150 medewerkers en 65 vrijwilligers er voor 150 bewoners en ongeveer 36 cliënten in de assistentiewoningen en het centrum voor dagverzorging.

In 2016 kocht het woonzorgcentrum de grond van de oude post in de Bekstraat. Begin 2026 kwam er een definitieve bouwvergunning. Sindsdien werken WZC Heilig Hart, aannemer Vandenbussche en DETOO Architects samen het ontwerp tot in detail uit. “We bouwen niet alleen aan kamers en zorginfrastructuur, maar aan een warme thuis,” zegt Katrien Nelissen, algemeen directeur van WZC Heilig Hart. “Een plek waar mensen zich veilig, welkom en betekenisvol voelen, en betrokken bij de buurt.”

Samen ontwerpen vanaf dag één

Vandenbussche en DETOO Architects realiseren het project in Design & Build formule. Ontwerp en uitvoering liggen zo in één hand, en de aannemer denkt van bij het begin mee met het woonzorgcentrum. Voor Nelissen is dat essentieel. “Een gebouw kan warme zorg niet vervangen, maar het kan ze wel mogelijk maken,” zegt ze. “Het moet afgestemd zijn op je visie en je manier van werken. De uitdaging is om een hoogtechnologische zorgomgeving te bouwen die toch heel huiselijk aanvoelt.”

Dat is ook wat wordt geapprecieerd bij de aanpak van Vandenbussche en DETOO Architects. “Openheid is een van onze kernwaarden, en die verwachten we ook van onze bouwpartner,” zegt Nelissen. “Bij Vandenbussche en DETOO Architects voelden we van bij het eerste gesprek dat ze écht luisterden naar wat onze bewoners en medewerkers nodig hebben. Ze dachten mee over hoe het gebouw onze manier van werken kan ondersteunen, en ze begrepen meteen wat het betekent om te bouwen naast voor mensen die hier wonen. Dat vertrouwen is voor ons onmisbaar.”

DETOO Architects tekende het eerste BIM-model, een digitale kopie van het gebouw. Vandenbussche werkte daarop verder om ontwerp, uitvoering en technieken nauwkeurig op elkaar af te stemmen. “Zo bouwen we het woonzorgcentrum eerst op het scherm, samen met de mensen die er straks wonen en werken,” zegt Kristof Defruyt, CEO van Vandenbussche. “Zien we op het scherm een fout, dan is die snel aangepast. Op de werf is dat een ander verhaal: dan kost het tijd en geld, en soms ook veiligheid.”

Een open huis in een stad die vergrijst

Het nieuwe woonzorgcentrum komt op het juiste moment. Tegen 2040 is meer dan een kwart van de Oudenaardisten 65 jaar of ouder, en vandaag woont al 41 procent van de 80-plussers alleen. “Ouderen zullen langer thuis wonen, en de mantelzorg komt nog meer onder druk,” zegt Nelissen. “Daarom is de verbondenheid met de buurt zo belangrijk. We willen geen eiland zijn, maar een open huis dat verbonden blijft met de buurt, verenigingen, scholen en vrijwilligers. Samen een terrasje doen op de Grote Markt, daar geniet jong en oud van.”

Het nieuwe gebouw haalt de buurt ook naar binnen. Het lokaal dienstencentrum en een gezellige cafetaria met leesruimte staan open voor iedereen. “Het meest kijk ik uit naar de plekken waar mensen elkaar spontaan zullen ontmoeten,” zegt Nelissen. “Een woonzorgcentrum leeft niet van kamers alleen, maar van de contacten die er ontstaan.”

Een thuis op mensenmaat

Elke leefgroep krijgt een eigen leefkeuken met een buitenruimte, waar bewoners samen kunnen koken en eten of even een frisse neus halen. Wie liever op zichzelf is, trekt zich terug in een zijn eigen, comfortabele kamer. Voor bewoners met dementie komt er een beschermde beleeftuin. “Dat zal voor veel bewoners een extra gevoel van vrijheid, rust en zelfstandigheid betekenen,” aldus Dhr Fernand Maes (voorzitter bestuursorgaan).

Zes van de zeven assistentiewoningen zijn inleunwoningen met twee slaapkamers en twee voordeuren. Zo kan een zorgverlener ‘s nachts bij een zorgbehoevende partner binnen, zonder de andere partner te wekken. “Een koppel kan blijven samenwonen, ook als één van de twee meer zorg nodig heeft,” zegt Maes.

Veilig bouwen naast bewoners

Het bestaande woonzorgcentrum blijft tijdens de werken gewoon in gebruik. “Naast de werf wonen mensen, en voor hen is dat gewoon hun thuis,” zegt Defruyt. “Daar passen wij ons aan. We schermen de werf volledig af en houden het werfverkeer zoveel mogelijk weg van de ingang van het woonzorgcentrum. Leveringen plannen we zo dat de bewoners er zo weinig mogelijk last van hebben. En ook onze eigen mensen moeten ‘s avonds veilig thuiskomen.”

Om de buurt goed te informeren, werkt Vandenbussche met het buurtplatform Werfbuur (nu Umari). Iedereen die rond de werf woont, kan zich daar aanmelden. “Zodra de werken starten, delen we er de voortgang en de hoogtepunten, maar ook de momenten waarop we even voor hinder zorgen, als dat echt nodig is,” zegt Defruyt. “Liever vooraf eerlijk zeggen dat er een kraan komt, dan dat iemand ‘s morgens verrast wordt.”

Ook een betere werkplek

Het nieuwe gebouw maakt ook het werk van de zorgverleners lichter, met efficiëntere werkprocessen en ergonomische voorzieningen. “Uiteindelijk zijn het de medewerkers die het verschil maken,” zegt Maes. “Een aangename en veilige werkomgeving geeft hen meer tijd voor wat echt belangrijk is: aandacht voor de bewoners. En het helpt ons om nieuwe collega’s aan te trekken.” Volgens Nelissen. De ondergrondse parking voor 38 wagens en de afgesloten fietsenstalling verlichten bovendien de parkeerdruk in het centrum.

December 2028

De oplevering is gepland voor december 2028. “Dan hoop ik vooral te zien dat onze bewoners en hun familie zich hier écht thuis voelen,” zegt Nelissen. “Niet omdat het gebouw nieuw is, maar omdat we onze visie elke dag waarmaken. Ik hoop de verhalen te horen achter de cijfers en de stenen: bewoners die gelukkig zijn, families die vertrouwen ervaren en medewerkers die met trots vertellen waar ze werken.”